Vrijdagpreek 10 juni 2016

Khutba: 10-06-2016
Onderwerp: MAAND VAN DE KORAN: RAMADAN


In het vers dat ik zojuist reciteerde zegt onze Almachtige Schepper:  “Ramadan is zulk een maand waarin de Koran, een duidelijke leidraad van verlossing voor de mensen, die tevens de duidelijke tekenen van deze leidraad draagt en die het correcte onderscheidt van het incorrecte, werd geopenbaard.”1


Broeders!
Op een dag riep onze Profeet (v.z.m.h), Abdullah b. Mes’ûd bij zich en zei tegen hem: “Oh Abdullah! Reciteer de Koran. Ik wil naar jou Koran recitatie luisteren”. Abdullah antwoordde: “Oh Profeet van Allah, de Koran is in jou hart geopenbaard, hoe kan ik het reciteren voor jou?”. De Profeet van Allah antwoordde: “Ik geniet met volle teugen wanneer ik luister naar de Koran recitatie van een ander. Vooral als jij reciteert.”.   Hierop begon Abdullah Soera Nisa te reciteren. Hij reciteerde een aantal verzen  waarin wordt verteld over de wezen. Toen hij tot slot  het volgende vers begon te reciteren, “Wanneer uit elke bevolkingsgroep een getuige halen en jou over hen een getuige maken, wat zal dan hun situatie zijn.”2  begonnen er tranen te vloeien over de wangen van de Profeet van Genade. Hij zei toen, “Abdullah genoeg!”.3


Broeders!
Welnu onze boek van genade, de Koran al Karim, dat bij recitatie de gelovigen tot in de diepste van hun ziel raakt, is een groot geschenk van de gezegende maand Ramadan. De Koran al karim dat op een dag tijdens de Ramadan in Hira met het gebod, “Lees” begon neer te dalen, is een leidraad die de mensen op het rechte pad brengt en een aanleiding voor genade. De Koran is ons levensboek dat ons leven betekenisvol maakt en ervoor zorgt dat we onze hoop voor deze dagen en voor onze toekomst staande houden. De mooiste onder de woorden, het grootste schat van onze Schepper, het grootste geschenk van Hem voor ons, zijn dienaren.  De Koran is een gids dat de mens kennis laat maken met zijn Schepper, met zichzelf en met zijn omgeving. De Koran is een boek van dienaarschap dat het rijkdom en de armoede, het verdriet en het geluk van de gelovige verandert in aanbidding.  De Koran heeft met de boodschappen die volgeladen zijn met genade, de mensheid verheven en hem vereerd.  Allah heeft vele volkeren en gemeenschappen met dit boek verheven. Een ieder die zich naar Hem richt, heeft de redding gevonden. Een ieder die zich van Hem afwendt heeft grote verliezen geleden. 


Broeders!
Ons gezegende boek, de Koran heeft de mensheid onder universele principes bij elkaar gebracht en de mensheid naar hogere waarden gebracht. Dit boek heeft vanaf het moment dat het begon geopenbaard te worden, de gehele mensheid opgeroepen tot de waarheid, gerechtigheid, genade, ethiek en beschaving.  Dit boek heeft ons geleerd om het goede van het kwaad, de waarheid van de onwaarheid, het mooie van het lelijke te onderscheiden.  


Dit boek heeft ons verstand met ons hart bij elkaar gebracht.  Het is een boek dat ervoor heeft gezorgd dat onze geest, ons lichaam heeft ontmoet. Het heeft bij ons een tawhid (eenheid) gevormd en heeft ons opgeroepen om te geloven in de tawhid. 


Broeders!
Ons Boek heeft ons geleerd om een goede dienaar te worden. Het heeft ons geleerd dat we niet nutteloos zijn geschapen en heeft ons eraan herinnerd dat we een waardevol schepsel zijn met een bepaalde verantwoordelijkheid. Het heeft ons geleerd om een goed kind te zijn. Het heeft ons bijgebracht dat we tegen onze ouders niet eens “hou op” kunnen zeggen. Het heeft ons onderwezen dat het onmogelijk is om “genade en barmhartigheid weg te houden bij onze moeder en vader”. Het heeft ons geleerd om onze ouderen te respecteren. Daarna heeft het ons onderwezen om een goede vader en een goede moeder te zijn. Een goede echtgenoot, een goede buurman, kortom een goed mens te zijn.  Het heeft ons bijgebracht om de weeskinderen te verblijden, gehandicapten bij te staan, mensen die in den vreemde zijn als vluchteling ondersteuning te verlenen en hen een warm gevoel te geven..


Waarde Broeders!
Kom laten we dan in deze maand van de Koran waarin een klimaat heerst van genade, overvloed en barmhartigheid, onze harten, onze geesten en ons leven tooien met de Koran. Laten we ervoor zorgen dat onze harten niet verstoken blijven van de betekenisvolle boodschappen van dit gezegende boek.  Laten we de volgende waarschuwing van onze gezegende Profeet (v.z.m.h) niet vergeten, “een persoon die in zijn hart geen enkele manifestatie van de Koran bezit, lijkt op een vervallen huis”4. Laten we kennismaken met de wereld van waarheden in de Koran. Laten we de Koran die in deze maand neerdaalde naar de wereld, opnieuw in onze harten indalen. Laten we met het gebruik van onze Profeet van de mooqabala, onze liefde voor de Koran en ons bewustzijn van de Koran nogmaals versterken. Laten we niet vergeten, hoe meer wij ons richten op de Koran, hoe meer de Koran zijn deuren, zijn horizon op een genereuze wijze voor ons zal openen.


Broeders!
Ik wens alle slachtoffers van de laffe terreurdaden die in verschillende steden van ons land gepleegd werden door gewetenloze mensen die zelfs in deze gezegende maand die met zijn barmhartigheid de gehele mensheid omarmt, zulke gruweldaden kunnen plegen, veel sterkte en spoedige herstel toe. Ik vervloek ten strengste al deze laffe mensen die onze broeders hebben kunnen doden of verwonden.  De nabestaanden die tijdens deze pijnlijke terreurdaden die onze harten hebben geraakt, hun naasten hebben verloren, wens ik heel veel sterkte toe. Ik hoop dat ze hun rust zullen bewaren.


Ik wil mijn khutba afsluiten met een Hadith van onze gezegende Profeet (v.z.m.h): “Het ware woord onder de woorden is het Woord van Allah; de beste leiding is die van Mohammed.” 5


1 Bakara, 2/185.
2  Nisâ, 4/41.
3  Bukhârî, Fedâilü’l Kur’an, 33.
4 Tirmidhî, Fedâilü’l-Kur’ân, 18.
5 Nesâî, Îdeyn, 22.